Terug naar blog
pollstipsquestion-types

10 vraagtypes uitgelegd: wanneer kies je welke?

RRobin Kennet2025-09-12
10 vraagtypes uitgelegd: wanneer kies je welke?

Een meerkeuzevraag is niet altijd het juiste gereedschap. Een rondleiding langs tien vraagtypes en wanneer ze werken.

10 vraagtypes uitgelegd: wanneer kies je welke?

Bij het bouwen van peilingen zien we keer op keer hetzelfde patroon: mensen pakken standaard een meerkeuzevraag, ongeacht wat ze willen weten. Maar elk vraagtype heeft zijn eigen sterke en zwakke kanten. Hieronder loop ik er tien door, met voorbeelden uit eigen praktijk.

1. Enkelvoudige meerkeuze

De klassieker: één vraag, meerdere antwoorden, één keuze. Werkt goed als je opties wederzijds uitsluitend zijn.

"Welke browser gebruik je het meest?" — Chrome / Firefox / Safari / Edge

Valkuil: zorg dat je een anders, namelijk optie biedt, anders dwing je deelnemers in een hokje.

2. Meervoudige meerkeuze

Hetzelfde, maar nu mogen meerdere vinkjes. Gebruik dit als gedrag of voorkeuren stapelbaar zijn.

"Welke kanalen gebruik je voor klantcommunicatie?" — e-mail / telefoon / WhatsApp / chat

Tip: zet een maximum (kies er maximaal 3) als je zinvolle prioriteit wilt zien.

3. Schaalvraag (Likert)

Een 5- of 7-puntsschaal van helemaal mee oneens tot helemaal mee eens. Briljant voor attitudes en gevoelens.

"Onze interne tools maken mijn werk makkelijker." — schaal 1 tot 5

Houd schalen consistent binnen één survey. Wissel niet halverwege van 5- naar 7-punts.

4. NPS

De beruchte Net Promoter Score: "hoe waarschijnlijk is het dat je ons aanbeveelt?" op een schaal van 0 tot 10. Geliefd bij management omdat het één getal oplevert. Critici vinden het simplistisch — terecht. Gebruik het naast andere signalen, niet alleen.

5. Open vraag

Gewoon een tekstveld. Onmisbaar voor waarom-vragen die je niet vooraf kunt categoriseren.

"Wat zou je als eerste verbeteren aan onze app?"

Nadeel: handmatige analyse. Tip: zet open vragen pas in na de gestructureerde vragen, want zodra iemand begint te typen daalt de invulbereidheid.

6. Ranking

Sleep opties in volgorde van voorkeur. Werkt als je prioriteit wilt vaststellen.

"Sorteer deze features op belangrijkheid voor jou."

Houd de lijst kort — vijf items maximaal. Tien opties slepen op mobiel is een straf.

7. Matrix-vraag

Eén schaal toegepast op meerdere onderwerpen tegelijk.

"Beoordeel deze afdelingen op samenwerking." — IT, HR, Sales, Finance × schaal 1-5

Compact maar gevaarlijk: respondenten klikken al snel een hele rij hetzelfde aan ("straightlining"). Mix daarom de volgorde of beperk tot vijf rijen.

8. Datum / tijdslot

Specifiek voor groepsafspraken. In Peiley groepsafspraken ben je hier sneller mee dan met een meerkeuzevraag, want we tonen automatisch tijdzones en agenda-conflicten.

9. Bestandsupload

Voor situaties waar je bewijs of voorbeelden nodig hebt — denk aan een sollicitatieformulier of een hackathon-inzending. Gebruik spaarzaam: het verhoogt drempel en juridische gewicht (bewaartermijn, AVG).

10. Live polling-vraag

Een aparte categorie: live polling tijdens presentaties. Hier draait alles om snelheid en zichtbaarheid op het scherm. Gebruik korte meerkeuze of word clouds. Vermijd matrix- en open vragen — die werken niet wanneer 200 mensen tegelijk antwoorden.

Welke kies je dus?

Mijn vuistregel:

  1. Beslissing nodig? Enkelvoudige meerkeuze.
  2. Gedrag in kaart brengen? Meervoudige meerkeuze of ranking.
  3. Gevoel meten? Likert of NPS.
  4. Begrip zoeken? Open vraag.
  5. Datum prikken? Datum/tijdslot.
  6. Op een podium? Live polling.

Een laatste tip

Wat ook helpt: denk vanuit de respondent, niet vanuit jezelf. Een vraag die jij makkelijk vindt om te stellen, is niet automatisch makkelijk om te beantwoorden. Test je peiling op één collega voordat je hem breed uitstuurt — je zult versteld staan hoe vaak iets ambigu blijkt.

In Peiley vind je al deze vraagtypes (op bestandsupload na, die staat op de roadmap). Begin met een template, pas hem aan, en je peiling staat in vijf minuten klaar om de wereld in te gaan.